Unieke werfmelding 9 februari 2011

 

Verplichte werfmeldingen aan de RSZ

Vooraleer werken aan te vatten, moeten (hoofd)aannemers aan de RSZ inlichtingen verstrekken over de aard van de werken, de omvang van de werken, de opdrachtgever, de onderaannemers, begin- en einddatum van de werken, enz.

Vanaf 1 juni 2009 moeten alle werken in “onroerende staat alsmede bepaalde andere werken” aangegeven worden. Werken waarvoor geen beroep gedaan wordt op onderaannemers en waarvan het totaalbedrag minder dan 25.000 € (excl. BTW) bedraagt, moeten niet gemeld worden. Particulieren zelf hebben geen meldingsplicht voor werken aan de eigen private woning. Het is hun (hoofd)aannemer die daarvoor moet instaan.

De werken in onroerende staat, zijn alle werken die betrekking hebben op het bouwen, het verbouwen, het afwerken, het inrichten, het herstellen, het onderhouden, het reinigen en het afbreken, geheel of ten dele, van een uit zijn aard onroerend goed, alsmede elke handeling die zowel erin bestaat een roerend goed te leveren en het meteen op zodanige wijze aan te brengen aan een onroerend goed dat het onroerend uit zijn aard wordt.

Andere beoogde werken : zelfs indien zij geen werken in onroerende staat in de zin van de hierboven geformuleerde definitie uitmaken, worden de hierna volgende activiteiten eveneens bedoeld :

  1. Iedere handeling die tot voorwerp heeft zowel de levering als de aanhechting aan een gebouw :
    1. van de bestanddelen of een gedeelte van een installatie voor centrale verwarming of airconditioning, daaronder  begrepen de branders, de reservoirs en de regel- en controletoestellen verbonden aan de ketels of aan de radiatoren;
    2. van de bestanddelen of een gedeelte van een sanitaire installatie van een gebouw en, meer algemeen, van alle vaste toestellen voor sanitaire of hygiënisch gebruik aangesloten op een waterleiding of een riool;
    3. van de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van een elektrische installatie van een gebouw, met uitzondering van toestellen voor de verlichting en van lampen;
    4. van de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van een elektrische belinstallatie, van brandalarmtoestellen, van alarmtoestellen tegen diefstal en van een huistelefoon;
    5. van opbergkasten, gootstenen, gootsteenkasten en meubels met ingebouwde gootsteen, wastafels en meubels met ingebouwde washoek, zuigkappen, ventilators en luchtverversers waarmee een keuken of badkamer is uitgerust;
    6. van luiken, rolluiken en rolgordijnen die aan de buitenkant van het gebouw worden geplaatst;
    7. Iedere handeling die tot voorwerp heeft zowel de levering van wandbekleding of vloerbekleding als de plaatsing ervan in een gebouw, ongeacht of die bekleding of bedekking aan het gebouw wordt vastgehecht of eenvoudig ter plaatse op maat wordt gesneden volgens de afmeting van de te bedekken oppervlakte:
    8. Ieder werk dat bestaat in het aanhechten, het plaatsen, het herstellen, het onderhouden en het reinigen van goederen bedoeld in 1° en 2° hierboven.

Wordt ook bedoeld de ter beschikkingstelling van personeel met het oog op het verrichten van een werk in onroerende staat of van een onder 1°, 2° en 3° hierboven bedoelde handeling.

Om praktische redenen wordt een lijst van 28 activiteiten voorgesteld zodat de aannemers, die aangifte doen, in staat zijn om gemakkelijk de werken te identificeren die worden uitgevoerd door de onderaannemers waarop zij beroep doen. Deze lijst wordt vervolledigd door niet exhaustieve voorbeelden, details en toelichtingen. Er moet worden opgemerkt dat de activiteiten in kwestie worden bedoeld in de context van de definitie van “alle werken in onroerende staat” : bouw, onderhoud, herstelling, enz.

Activiteitenlijst :

  1. Waterbouwkundige werken, zee- en stroomwerken
  2. Grondwerken
  3. Slopingswerken
  4. Metsel- en betonwerken
  5. Leggen van kabels en diverse leidingen
  6. Voegwerken
  7. Timmer- en schrijnwerk en metalen schrijnwerk
  8. Dakbedekken en isolatie tegen vochtigheid
  9. Thermische en/of geluidsisolatie
  10. Plaatsing van prefabelementen
  11. Plaatsen van houten voorwerpen of producten
  12. Glaswerken
  13. Stukadoorswerken
  14. Werken die verband houden met het schilderen, stofferen en behangen
  15. Restauratiewerken
  16. Steen- en marmerwerken
  17. Muur- en grondbekledingswerken (met uitzondering van hout)
  18. Sanitaire installaties, centrale verwarming, loodgieters- en zinkwerk, aanleg van buizen en leidingen
  19. Installatie van steigers
  20. Metaalconstructies en metalen kunstwerken
  21. Werken aan wegen
  22. Bouw van niet-metalen kunstwerken
  23. Spoorlijnwerken
  24. Elektrotechnische werken
  25. Aanleg en onderhoud van diverse terreinen
  26. Landbouwwerken
  27. Schoonmaak- en onderhoudswerken
  28. Speciale installaties

Aangifte

De werfmeldingen moeten vanaf 1 juni 2009 via elektronische weg gebeuren. Dit kan via de volgende site : www.socialsecurity.be/site.

De aannemer dient de toepassing ‘Unieke werfmelding” te gebruiken om één of meerdere bouwplaatsen aan te geven op het Belgisch grondgebied. Men kan ook informatie op een eerder ingevoerde aangifte toevoegen, wijzigen en consulteren.

Een unieke werfmelding bestaat uit twee delen :

  • Een gemeenschappelijk deel, met de algemene gegevens van de bouwplaats en de opdrachtgever. Dit is gemeenschappelijk voor alle aannemers die betrokken zijn bij deze geografische bouwplaats en wordt slechts één keer ingevuld voor dezelfde bouwplaats.
  • De contracten, die de informatie bevatten van de aannemers en de werken die op hen betrekking hebben. Een contract kan de volgende luiken bevatten : het luik 30bis voor de RSZ, het luik voor het NAVB (Nationaal Actiecomité voor de Veiligheid en Hygiëne in het bouwbedrijf) alsook de luiken “Tijdelijke & mobiele bouwplaats”, “Zandstraalwerken”, “Asbestverwijderingswerken” en “Werken in hyperbare omgeving” voor de FOD WASO (FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg). Eenzelfde aannemer kan verschillende “contracten” invoeren op eenzelfde aangifte en eenzelfde aangifte kan verschillende contracten omvatten die werden ingevoerd door verschillende aannemers.

 Sancties

Bij onjuiste informatie aangaande begin- en einddatum van de werken, data van begin en einde van de tussenkomst van de onderaannemers, zal er een forfaitaire vergoeding verschuldigd zijn van     150 €.

De aannemer die de verplichting om werken aan te geven niet naleeft, is aan de RSZ een som verschuldigd die gelijk is aan 5 % van het totale bedrag van de werken, exclusief BTW, die niet gemeld zijn.

De onderaannemer die nalaat om aan de aannemer schriftelijk te signaleren dat hij een beroep doet op één of meerdere andere onderaannemers is zelf aan de RSZ een som verschuldigd die gelijk is aan 5 % van het totale bedrag van de werken, exclusief BTW, die hij toevertrouwd heeft aan zijn onderaannemer of aan zijn onderaannemers.

Indien de som die van de aannemer gevorderd wordt, veroorzaakt werd door een fout van een onderaannemer, wordt deze som verminderd met het bedrag dat door de betrokken onderaannemer voor deze fout daadwerkelijk betaald werd aan de RSZ.

Ingeval van overmacht of bij een eerste overtreding kan de RSZ vrijstelling verlenen van de sanctie. In bepaalde gevallen kan de sanctie tot 50 % verminderd worden.